Protestantse Gemeente De Brug te Oostburg

 


PASTORALE OVERWEGING

De geloofstraditie, waarvan we deel uitmaken is troostend en bemoedigend. Ons leven komt erin ter sprake in het licht van een bevrijdende boodschap. Omdat de boodschap bevrijdend is, is zij ook kritisch- kritisch op wat vernedert, vrijheid ontneemt, knecht. Wie op deze plaats een geruststellende boodschap verwacht, moet ik daarom teleurstellen. In het onderstaande korte artikel worden we als kerk en daarmee ook als individuele gelovigen aangesproken. Het is geschreven door twee jonge economen: Paul Schenderling en Matthias Olthaar. Eerstgenoemde was op 22 oktober jl. de eerste, die plaatsnam op het ‘Podium de Open Haven’. Het artikel verscheen op 20 oktober jl. in Dagblad Trouw. Ik bied het hierbij aan als pastorale overweging.

EEN BEETJE KERK VECHT TEGEN UITBUITING
Het is goed en nodig dat onze protestantse kerken nader onderzoek zijn gestart naar hun rol in het koloniale verleden (Trouw, 12 oktober). Er is een historische schuld, die geen verleden tijd is zolang we haar niet onder ogen komen, belijden en ons verzoenen met hen die de pijn al generaties met zich meedragen.

De nadruk op bevrijding loopt als een rode draad door het Bijbelse verhaal, van Exodus tot Jezus en zijn afkeer tegen alle vormen van beknelling. Kerken zouden altijd voorop moeten lopen tegen ongelijkheid en tegen het kleineren van de ene groep door de andere. Terecht geeft PKN-scriba René de Reuver dan ook aan dat onderzoek naar het verleden direct als een spiegel voor het nu moet werken. Want is de uitbuiting van niet-westerse landen eigenlijk wel gestopt toen de slavernij werd afgeschaft?

Slavenschepen in Middelburg
We gaan ruim vier eeuwen terug in de tijd. Toen in 1596 de eerste tot slaaf gemaakte Afrikanen door Portugezen op het marktplein van Middelburg werden verkocht, brieste de stad van verontwaardiging. De Staten van Zeeland lieten snel van alle kansels in Zeeland een afkondiging voorlezen dat alle slaafgemaakten direct moesten worden vrijgelaten. Toch zouden in de twee eeuwen daarna vele slavenschepen aanmeren in de haven van Middelburg, zonder de minste ophef te veroorzaken.

Dat kon doordat slavenschepen voortaan de slaafgemaakten rechtstreeks van Afrika naar Amerika brachten en diezelfde schepen alleen de eindproducten van de plantages terugbrachten naar Middelburg. Al snel stelden de Staten van Holland en de dominees hun mening bij en verkondigden ze dat alleen slavernij op Nederlands grondgebied was verboden en dat ­alleen niet-christenen tot slaaf mochten worden gemaakt.

Herendiensten

Na de afschaffing van de handel in slaafgemaakten werd de uitbuiting voortgezet met andere middelen. In het koloniale tijdperk moesten mensen in Nederlands-Indië met grond 40 procent van het land en van hun arbeid afstaan. Mensen zonder grond moesten 200 dagen per jaar herendiensten leveren. Tussen 1831 en 1877 was de helft van de Nederlandse belastingopbrengst afkomstig uit Nederlands-Indië. Vanaf de kansel bleef het meestal stil. Het economisch hoogtepunt en humanitair dieptepunt werd bereikt rond 1920. Op dat moment waren er meer dan 800.000 voltijds werkenden ten dienste van de Nederlandse economie. Dit komt neer op 0,6 voltijdsbaan per Nederlands huishouden.

Ook na de dekolonisatie is de ­uitbuiting niet gestopt. In onderzoek dat we binnenkort publiceren, tonen we aan dat momenteel 14 miljoen mensen in niet-westerse landen werken ten behoeve van de Nederlandse economie. Dit is 1,8 voltijdsbaan per Nederlands huishouden, terwijl Nederlanders zelf 0,9 voltijdsbaan per huishouden werken. Deze mensen werken onderbetaald, onder relatief slechte omstandigheden en meestal zonder sociaal vangnet. Voor onze consumptie wordt elders elf keer het oppervlak van Nederland gebruikt.

Koelbloedig aan het parasiteren

“Als de ouders onrijpe druiven eten, krijgen de kinderen stroeve tanden”, luidt een cynisch spreekwoord dat Jeremia en Ezechiël ­citeerden. In zekere zin hebben wij geperfectioneerd waar onze VOC-voorouders mee begonnen: overzeese zelfverrijking ten koste van de levenskwaliteit van anderen. Dat is de spiegel waarin we kijken als we ons duistere verleden onderzoeken: we zien goedkope productie onder slechte omstandigheden, we zien onvrijheid en ongelijkheid ten bate van onze economie en consumptie.

Het wordt tijd dat protestanten luider protesteren tegen de schaamlappen van marktwerking, werkgelegenheid en wereldhandel, die verhullen dat ons werelddeel nog altijd koelbloedig aan het parasiteren is. 

AvH

 


GEMEENTE BIJ DE TIJD

Het is vandaag 20 oktober 2021.

Overmorgen, vrijdag 22 oktober as. is de eerste bijeenkomst op en rondom het Podium Open Haven. We hopen, dat het zich kan ontwikkelen tot een plaats, waar kerk en samenleving elkaar ontmoeten.  Om het zover te kunnen laten komen, hebben we uw en jouw betrokkenheid en ondersteuning nodig. En daarin bovenal Gods zegen. (Terwijl ik deze zinnen intik, komt er een mailtje van het bestuurssecretariaat van de gemeente Sluis binnen met de melding, dat wethouder Poissonier graag aanwezig wil zijn.)

Komende zondag 24 oktober as. vieren we de maaltijd van de Heer. We zullen dat nog niet in een kring -m.i. de meest geëigende vorm- doen. Er moet immers nog afstand worden betracht. De diakenen zullen een passende vorm bedenken.


Omzien naar…
Mw. M.C.P. den Hamer-van Lare (Molenweg 23, Zuidzande) staat na een reeks van chemokuren voor een operatie. 

Dhr. Herrebout verblijft na een ziekenhuisopname in de seniorenkliniek te Oostburg. Zijn gezondheid is broos.

Hetzelfde geldt voor mw. A.G. Poldervaart-Rienks (Zuidwal 12), die enige dagen in het ziekenhuis was opgenomen.

Het geldt eveneens voor mw. A. Hagenaars (De Stelle), voor mw. A. Barendregt-Kruithof (WZC de Burght) en voor mw. M. Verhage-Poleij (Grote Beer 107).

Dhr. I.M. de Hullu (Zuidzandsestraat 55) was kort in het ziekenhuis opgenomen en herstelt met medicatie thuis.

Mw. M.A. de Regt (Dierkensteenweg 3/110) heeft, hopend op herstel, enkele operatieve ingrepen achter de rug.

Het is alweer geruime tijd geleden, dat Tijmen Verweij, eerstgeboren zoontje van Andrea en Rene Verweij-Jansen (Prins Mauritsstraat 8) ter wereld kwam. Hij werd geboren op 30 juni jl. Ouders en verdere familie van harte gefeliciteerd!

Ons bereikte het bericht, dat op 9 oktober jl. op drieëntachtigjarige leeftijd, overleed Johannis Izaak -roepnaam Han- Risseeuw. Hij woonde op Boogschutter 5. Aan zijn sterven ging een korte ziekte vooraf. Medeleven gaat uit naar zijn echtgenote mw. Els Risseeuw-Bril en de zoons Hans en Pieter met hun dierbaren, en ook naar zijn oudere zus Saar (Oude Stad 3). 


In memoriam: Cornelia Hoogesteger-Duson
Cornelia -roepnaam Corrie- Hoogesteger overleed op 3 oktober jl. in verpleeghuis de Stelle. Ze werd vierennegentig jaar oud.

Geboren op 28 oktober 1926 te Zierikzee, groeide Corrie Hoogesteger aldaar op in een bakkersgezin, dat aan het einde van de Tweede Wereldoorlog moest worden geëvacueerd in Ommen. Teruggekomen in Zierikzee trouwde ze in 1949 met Hans Hoogesteger. Ze gingen in Bergen op Zoom wonen. Daar werd zoon Ko geboren. In 1965 verhuisden ze naar Oostburg. Toen echtgenoot Hans in 1993 overleed, ging Corrie door diepe dalen, maar ze vond voor zichzelf een weg. Goede buren bleken hierbij van onmisbare waarde. In 2016 kwam ze ten val en verloor haar mobiliteit. Ze moest worden opgenomen in de Stelle. Deze inrichting kende ze al van binnenuit. Ze had er als vrijwilliger eerder veel werk verricht.

Corrie Hoogesteger zocht naar verbinding met degenen, die op haar levenspad verschenen. Dat gold haar familie, buren, vrienden en vriendinnen, mede- gemeenteleden, medebewoners in de Stelle. Dat gold voor Jezus. Het beeld van de wijnstok en de ranken (Joh. 15: 1 t/ m 5) sprak haar zeer aan, evenals het oude, bevindelijke geloofslied ‘Welk een vriend is onze Jezus’.

Tekenend voor de verbindende persoonlijkheid, die Corrie Hoogesteger was, is de volgende herinnering: Toen ze in de Stelle moest worden opgenomen, had ze het er aanvankelijk heel moeilijk mee. Op bezoek bij haar, vroeg ik, hoe ze het in het verpleeghuis ervoer. Ze stelde helder en ferm: dit is nu mijn plaats, hier wil ik er zijn voor mensen. Ik meen me te herinneren, dat ze eraan toevoegde: hier wil ik voortaan licht verspreiden.

Moge Corrie Hoogesteger voorgoed zijn opgenomen in het licht, dat ze, op de haar kenmerkende, bescheiden wijze, mee hielp te verspreiden: het licht van Gods liefde. En mogen met name zoon Ko en schoondochter Jeannette troost in dit perspectief vinden.

De begrafenis vond plaats te Oostburg op vrijdag 8 oktober jl. na een dienst van gedachtenis, Woord en gebed in de Open Haven.


Top 15 van bijbelverhalen
Een collega, oud-jaargenoot tijdens mijn studie, en vriend, is predikant in een middelgrote stad boven Amsterdam. Door de interconfessionele scholengemeenschap in zijn woonplaats is hij gevraagd om mee te willen denken over de identiteit van de onderwijsinstelling. Om te voorkomen, dat het overleg zal uitmonden in vage formuleringen, die naar alle kanten kunnen worden opgerekt, wil hij voorstellen om in alle vrijheid per jaar zo’ n vijftien bijbelverhalen voor te leggen aan de leerlingen. Vraag is dan, welke bijbelverhalen hiervoor in aanmerking komen. Zelf moest ik naast het verhaal over Jezus’ veroordeling, kruisiging en opstanding, zoals opgetekend door Johannes, denken aan het scheppingsverhaal volgens Genesis 1, en de verhalen over de roeping van Mozes (Ex. 3 en vervolg), de doortocht door de Rode Zee (Ex. 14), de genezing van Naäman (2 Kon. 5) en over Zacheüs (Lc. 19: 1 t/m 10).  En wat zou u noemen?


Doopsgezinden

Door -wat ik nu maar even een speling van de natuur noem- was ik in de gelegenheid om het weekend van 16 en 17 oktober door te brengen te midden van docenten en curatoren (het bestuur) van de doopsgezinde seminaria van de theologische faculteiten van de VU in Amsterdam en die van de universiteit van Hamburg. Eigenlijk maar weinig bekend met de wereld van de Doopsgezinden, werd ik er nu in ondergedompeld. Het leidde tot een boeiende kennismaking. Daarbij kreeg ik als protestant, die deel uitmaakt van de PKN  op een aantal punten een spiegel voorgehouden.

Heel interessant vond ik een gesprek over de identiteit. Waarin vinden de van de Doopsgezinden die?

Over het grondbeginsel, is men het eens: allen staan op het fundament, dat door Jezus Christus met Zijn lijden, kruis en opstanding is gelegd. Daarna werden er verschillen duidelijk. Hoe krijgt de identiteit op dit fundament gestalte?

-        Een stroming wil vasthouden aan de gedachte, dat de Doopsgezinden één grote, wereldwijde familie vormen. Hierbij wordt dan vooral gedacht aan de geboren Doopsgezinden, met name aan hen, die afstammen van de eerste Doopsgezinden en omtrouwden in eigen kring. Het Duitse woord Stammesgesellschaft werd in dit verband zelfs gebruikt. Duidelijk moge zijn, dat deze familie door de secularisering en individualisering onder grote druk staat.

-        Een andere stroming is liberaal. Men plaatst het individu, dat stelt: ‘Ik geloof…’ voorop. Er wordt niet ingezet bij de gemeenschap, maar bij het individu.  

-        Een derde stroming geeft vorm aan de identiteit door een gemeenschap te vormen, waarin alle ruimte is voor vluchtelingen en mensen aan de onderkant van de samenleving. Een uit Colombia afkomstige theoloog gaf hiervan een indrukwekkend voorbeeld.

Herkent u iets met het oog op de PKN?

Tijdens het bijwonen van een viering van de Doopsgezinden Gemeente van Amsterdam viel me op, dat er een zeer sobere liturgie werd gevolgd. Er werd gezongen, gebeden, de Schift ging open en er werd (goed) gepreekt. En dat was het dan. Toen ik mijn constatering aan de dominee voorlegde, zei hij: ‘Voor liturgie moet je bij de buren zijn’.  De buren vormen een Rooms- Katholieke parochie.

In Amsterdam werd me ook duidelijk, dat de Doopsgezinden -al verschilt dat sterk per gemeente- vermogend zijn. Vanouds hebben ze met hun vermogen veel in de stad geïnvesteerd. Meerdere culturele instellingen en weeshuizen zijn gesticht vanuit de Doopsgezinde Gemeente. Leerpunt voor mij was: je kunt als kerk met je vermogen veel goeds doen. De PKN, die alles bij elkaar opgeteld zeker ook vermogen beschikt, zou er lering uit kunnen trekken. Misschien kan ons College van Kerkrentmeesters zich op dit punt op lokaal niveau gedachten vormen?     

Nu ik het toch over geld en goed heb, verrassend vond ik het, dat vermogende Doopsgezinden de seminaries in Amsterdam en Hamburg mede- financieren. Ik kwam in gesprek met Michael Horsch. Hij is stichter en directeur van een wereldwijd concern in de agrarische wereld. Tot in zijn verre voorgeslacht is hij doopsgezind. Door donaties van hem was het voor het seminarie mogelijk om een begaafde Braziliaanse theoloog met Duitse roots aan te trekken. Horsch vindt het van belang, dat het seminarie met het oog op de toekomst goede predikanten aflevert. Wat hij verstaat onder goede predikanten? Ze moeten volgens hem ondernemend, energiek en goede leraren zijn. Wordt er in de PKN ook zo naar gekeken?...

 

Marylin Timber
Het is 3 oktober. Vandaag komt Ajax in actie tegen FC Utrecht. Bij Ajax speelt Jurriën Timber. Hij is sinds kort international en staat, behalve om zijn voetballende vermogen, bekend om de rust, die van zijn spel uitgaat. Bij FC Utrecht speelt zijn tweelingbroer Quinten. Laatstgenoemde moet in de wedstrijd op de bank beginnen.

Voorafgaande aan de wedstrijd wordt moeder Marilyn Timber voor de televisie geïnterviewd. Ze heeft in haar eentje haar vijf jongens opgevoed en komt juist blijmoedig uit de kerk. Daar heeft ze er, volgens eigen zeggen, weer inspiratie opgedaan. Ze neemt er altijd ‘mooie’ bijbelteksten mee, die ze dan de tweeling en hun drie oudere broers voorhoudt. Voor elke wedstrijd geeft ze Jurriën en Quinten de zegen. Ze vertelt er steeds bij, dat God van hen houdt, of ze nu winnen, of verliezen.

Even later wordt er een eerder opgenomen interview met de tweeling vertoond. De broers zeggen, dat hun moeder veel met hen praat. De met religie kennelijk weinig of niet vertrouwde verslaggever wil weten waarover het gesprek dan gaat. Hij doet een gooi: ‘Is het dat je in jezelf moet geloven’…? ‘Ja’, zegt Quinten, ‘maar bovenal, dat je in God gelooft’. Jurriën knikt instemmend.


Groet
Van 8 t/m 14 november ben ik vrij. Gedurende deze dagen kunt u voor pastorale aangelegenheden contact opnemen met de ouderlingen Eldi Risseeuw (tel. 0117-452 104) of Corine Scheele (tel. 0117-451 825), en voor zaken betreffende de kerkenraad met voorzitter Corien van Baal (tel. 0117-492 659) of scriba Ina Basting (tel. 0117-455 138). Afhankelijk van de vorderingen van de verduurzaming van mijn woning zal ik nog enkele andere dagen vrij nemen.

Met een hartelijke groet vanuit Zuidzande. In Christus verbonden,
ds. Aart van Houweling